Burgemeesters: 'Grotere gemeente is lang niet altijd beter' Deel 2

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Vervolg FD

Herindelingsspook niet weg

Daarmee was het herindelingsspook niet weg. Hoewel een samenvoeging nooit officieel op de agenda heeft gestaan, waren de inwoners er de afgelopen jaren niet gerust op. Alleen al het feit dat er in beide dorpen een waarnemend burgemeester was benoemd door de provincie, leek een teken aan de wand. Dat is vaak de opmaat voor herindeling. Ook het feit dat zowel Wassenaar als Voorschoten gezakt waren voor de zogeheten ‘toets op de bestuurskracht’ van de provincie, wekte zorgen. Beide gemeenten moesten aan de bak en aantonen dat ze toekomstbestendig zijn.

De opluchting was afgelopen november dan ook groot in de raadszaal in Wassenaar, toen officieel werd besloten dat het villadorp zelfstandig zou blijven en weer een door de kroon benoemde burgemeester zou krijgen. ‘Er steeg een enorm applaus op vanaf de tribune. De zaal was euforisch’, zegt Koen. Dat liet volgens hem wel zien hoe diep bij de inwoners de angst zit voor een fusie met Voorschoten, oftewel ‘die lui daar aan de andere kant van het spoor’.

Lees ook

Kleine rijke gemeente laat zich niet opslokken

Onder curatele

Maar ook in Voorschoten wilden de inwoners niets weten van een fusie. Hoewel de gemeente er financieel niet best voor staat en in 2016 zelfs even onder curatele van de provincie was gesteld, zijn de inwoners er trots op om Voorschotenaar te zijn. Liever fors bezuinigen, dan fuseren met hun rijke buurgemeente en onder gesneeuwd raken, is het devies van Bouvy-Koene. 'En als het dan echt zou moeten, liever met Leidschendam-Voorburg erbij, om een beetje tegenwicht te bieden tegen het welvarende Wassenaar.' Dat uit een wetenschappelijke studie de conclusie rolde dat Voorschoten beter af zou zijn in een fusiegemeente — in de Leidse regio of met Wassenaar — wuift Bouvy-Koene van de hand. 'Het is gewoon niet haalbaar, want de inwoners willen het niet.'

Het feit dat ondernemers een fusie wel zagen zitten, vindt Koen van Wassenaar evenmin een argument. 'Ondernemers denken meer met hun portemonnee, maar het is nog maar de vraag of ze sneller vergunningen zouden krijgen bij een fusiegemeente. Daarbij zijn we beide geen ondernemersdorpen, maar woondorpen. Die belangen wegen zwaarder.’

‘Het is nog maar de vraag of ondernemers sneller vergunningen krijgen bij een fusiegemeente’

  • • Frank Koen, waarnemend burgemeester van Wassenaar

Koen en Bouvy-Koene staan niet negatief tegenover fusies. Bouvy-Koene heeft er zelfs ervaring mee: zij voegde een paar jaar geleden 'haar' Bernisse samen met buurgemeente Spijkenisse. Dat zij hierdoor overbodig werd als burgemeester nam ze op de koop toe. 'Bernisse kon het niet meer alleen, het leunde al heel sterk op Spijkenisse. De raad besefte dit ook en heeft zelf het initiatief genomen om samen te gaan met Spijkenisse.'

Zelfstandig beter af

Maar dat betekent niet dat kleinere gemeenten per definitie geen bestaansrecht hebben. 'Het hangt van de opgaven af. Als een gemeente die nog alleen aankan, ook al is het een dorp, dan moet ze de kans krijgen zelfstandig te blijven, vindt Bouvy-Koene. 'De emotionele band die de mensen in Voorschoten hebben met hun gemeente is ook wat waard.'

Koen is het hiermee eens. 'Schaalvergroting is lang niet altijd beter. Natuurlijk moet een gemeentebestuur nog wel iets in te brengen hebben en niet volledig afhankelijk zijn van samenwerkingsverbanden met andere gemeenten. Anders zit je als burgemeester alleen maar mooi te wezen in je bestuurskamer. Maar een gemeente als Wassenaar is zelfstandig beter af dan in een groter geheel.’

Gemeentelijke herindeling leidt niet tot minder samenwerking

De regering vindt dat gemeenten die veel samenwerken moeten fuseren. Maar na een herindeling gaan ze niet mínder samenwerken. Dat concludeert hoogleraar Maarten Allers van de Rijksuniversiteit Groningen in een onderzoek dat afgelopen vrijdag verscheen in economenblad ESB. Herindeling is dus geen oplossing, aldus de hoogleraar economie van lagere overheden.

Gemeenten hebben er de afgelopen jaren de jeugdzorg en andere taken bij gekregen die ze niet altijd alleen aankunnen. Dit leidt ertoe dat ze steeds meer samenwerken. Liep in 2005 nog 8% van de gemeentelijke uitgaven via samenwerking, nu is dat meer dan 20%. Op deze samenwerkingsverbanden is volgens Allers veel kritiek, omdat de gemeenteraden weinig zicht hebben op wat ze behelzen en wat ze uitvoeren.

Allers constateert in dezelfde studie dat het aantal gemeenten wel erg snel daalt in Nederland. Per 1 januari verdwenen er weer 25, waardoor de teller nu op 355 staat. Als de terugloop in dit tempo doorgaat, is er volgens Allers in 2051 nog maar één gemeente over. Hij waarschuwt dat de gemeenten daardoor op een grotere afstand van de inwoners komen te staan en op termijn provincies overbodig maken. Als alternatief stelt hij voor om gemeenten niet verder te vergroten en democratisch bestuurde regio's te creëren voor de bovengemeentelijke taken.

  • /index.php/1467-duurzaam-en-betaalbaar-zitten-elkaar-in-de-weg
  • /index.php/1465-opslag-gemeentedepots-moet-beter

Ontvang ook onze nieuwsbrief