Nieuws en actualiteiten

button programma

 

 

 

 

 

Zie voor gestelde vragen aan het college de rubriek: Berichten en de Brabantse impact monitor   (Nieuw)

 

Ons standpunt over herindelen Lees meer


Landelijk politiek nieuws en plaatselijke actualiteiten

 

  

 

Onderwerp: tijdelijk opheffen parkeerplaatsen Klinkerstraat, Maasstraat en Hamstraat te Grave in verband met coronamaatregelen

Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

 

Onderwerp: tijdelijk opheffen parkeerplaatsen Klinkerstraat, Maasstraat en Hamstraat te Grave in verband met coronamaatregelen

Logo Grave
 

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN GRAVE,

 

Op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet, bevoegd dit verkeersbesluit te nemenOp grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet verplicht tot het nemen van een verkeersbesluit voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;

 

 

Op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet verplicht tot het nemen van een verkeersbesluit voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, die leiden indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken; 

OVERWEGENDE:

• dat de Klinkerstraat, Maasstraat en Hamstraat in beheer en onderhoud van de gemeente Grave zijn;

• dat deze straten deel uit maken van de binnenstad van Grave, waar een 30 km/uur zone van kracht is;

• dat er diverse beperkingen en richtlijnen zijn ingesteld in verband met Covid-19;

• dat de horeca en terrassen daardoor vanaf 1 juni 2020 weer geopend worden;

• dat ook hier 1,5m afstand de voorwaarde is;

• dat met name de terrassen daardoor meer ruimte vragen;

• dat de gemeente Grave aan een tijdelijke uitbreiding haar medewerking verleent voor zover dit binnen de richtlijnen mogelijk is;

• dat daarom mogelijk wordt gemaakt om parkeerplaatsen te gebruiken als terras;

• dat dit kan aangezien de parkeerdruk op de openbare ruimte ten tijde van Covid-19 als laag wordt ervaren;

• dat de parkeerplaatsen hiervoor formeel buiten gebruik gesteld moeten worden;

• dat dit geldt voor de periode van 1 juni 2020 tot 1 september 2020;

• dat deze periode korter of langer kan duren en dat de RIVM-richtlijnen van kracht moeten zijn en de Veiligheidsregio Brabant-Noord hierin leidend is; 
 
 
 

Beleid rond coronaboete stort als kaartenhuis in elkaar

Eind maart bracht Gemeente.nu het nieuws dat de coronaboete veelal automatisch leidt tot een strafblad. Verbazing en kritiek zetten de handhaving sindsdien onder druk. Deze week was het voorlopige dieptepunt.

Het beleid lag pas nog onder vuur in de Tweede Kamer. De consequentie van een strafblad zou in veel gevallen buitenproportioneel zijn voor de handhaving van de ‘anderhalvemetersamenleving’ in de strijd tegen het coronavirus.

Kamermotie aangenomen

Dat leverde een motie op, die dinsdag werd aangenomen door de oppositie én regeringsfracties D66 en ChristenUnie. De Kamer vraagt niet de standaard bestraffing helemaal te schrappen, maar er dient een uitzonderingsmogelijkheid te komen. 

Rol van gemeente tijdens coronacrisis onbekend en onbemind

 

Bijna de helft van de Nederlanders, 44 procent volgens I&O Research, is ‘onwetend’ over de rol van hun gemeente bij de aanpak van de coronacrisis. Maatregelen worden vooral herkend als rijksbeleid.

Dit blijkt uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Voor de enquête werden ruim 2000 Nederlanders bevraagd van donderdag 7 tot dinsdagochtend 12 mei. Het rapport Lokaal bestuur in tijden van corona maakt duidelijk dat de eigen gemeente voor de meeste inwoners vrij onzichtbaar is.

Ondanks die beperkte zichtbaarheid waarderen Nederlanders de lokale democratie niet veel anders dan voorheen. Gemiddeld geven ze hieraan een 6,5 als rapportcijfer. Ruim twee jaar geleden, vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen, was dat een 6,4.

Vertrouwen landelijk in de lift

Het vertrouwen in de landelijke democratie lijkt juist goed te gedijen bij de crisis. Dit waarderingscijfer stijgt van een 6,3 naar een 7. ‘Dit komt overeen met de bevinding dat de crisis en de aanpak daarvan vooral een landelijke aangelegenheid is, waarbij burgers vooral kijken naar de rijksoverheid (en deze zeer goed waarderen wat vermoedelijk zijn weerslag heeft op het oordeel over de democratie).’

‘Weet niet’ is een veelgehoorde reactie op verschillende onderzoeksvragen over de lokale rol. Vooral het aandeel in de crisismaatregelen is een blinde vlek, maar ook op de plaatselijke handhaving hiervan heeft een derde geen zicht. De gemeentelijke communicatie blijkt naast onbekend (23 procent) ook een bron van ontevredenheid (31 procent).

De onbekendheid met gemeentelijke maatregelen lijkt overigens goed te verklaren, omdat de voorzitters van de veiligheidsregio’s daarover gaan. Dat zijn slechts 25 burgemeesters, vooral als uitvoerders van kabinetsbeleid. Wat de onderzoekers zelf precies zien als de lokale rol hierin, blijkt niet uit het rapport.

Democratisch tekort geaccepteerd

De inperking van de democratie, zowel landelijk als lokaal, is apart meegenomen in het onderzoek. Nederlanders staan daar in grote meerderheid achter, in elk geval tijdelijk. ‘Driekwart vindt het acceptabel dat onze democratisch gekozen volksvertegenwoordigers tijdelijk minder invloed op het coronabeleid hebben.’

‘Tijdelijk’ is daarbij een rekbaar begrip: van de genoemde meerderheid is ruim de helft bereid carte blanche te geven ‘zo lang als nodig is volgens de regering’. De digitale besluitvorming waartoe gemeenten overgingen, is voor verreweg de meeste Nederlanders (84 procent) eveneens acceptabel. 

 

 

GEMEENTEN LATEN TERRASVERGROTING AAN ONDERNEMERS OVER

De heropening van de terrassen laten gemeenten het liefst zo veel mogelijk aan horecaondernemers en inwoners zelf over. Wel denken ze mee in lastige situaties en zijn ze bereid om de verkeerssituatie aan te passen waar nodig. Dat geldt in ieder geval voor de situatie op het Maastrichtse Vrijthof en de historische markt van het Brabantse Eersel.

Joie de vivre
Maastricht heeft internationale roem verworven vanwege haar 'joie de vivre' (New York Times), de 'Bourgondisch verfijnde dinercultuur' (Lonely Planet), en natuurlijk de jaarlijkse concerten van André Rieu, wiens tours tot de grootste ter wereld behoren. 'De Maastrichtenaar houdt van een goed hapje eten en een goed potje bier', beaamt burgemeester Annemarie Penn-te Strake.

Het Brabantse dorp Eersel heeft wellicht geen verwijzing in de Lonely Planet, maar is op lokaal niveau toch een populaire bestemming voor vrijetijdsbesteding. 'Eersel staat bekend als een toeristisch dorpje', vertelt wethouder Léon Kox (economie, recreatie & toerisme, Eersel Samen Anders). 'We hebben een aantal grote campings, je kunt hier mooi fietsen. De markt in Eersel is een historische terrasjesmarkt.' Eersel wordt dan ook de 'parel van de Kempen' genoemd en werd in 2014 verkozen tot de wandelgemeente van het jaar.

Life line
Ook in economische zin is de horeca van groot belang voor beide gemeenten. Kox heeft geen precieze cijfers, maar weet wel dat de horeca een 'flinke branche' is met een groter dan gemiddeld aandeel in de economie van de gemeente. Burgemeester Penn-te Strake: 'Horeca behoort tot een van de life lines van de stad Maastricht.' Vorig jaar werd nog berekend dat de optredens van André Rieu, die deze zomer niet door kunnen gaan, de stad Maastricht 30 miljoen euro aan spin-off opleveren. Een behoorlijk deel daarvan komt ten goede aan de horecasector.

‘Regel het zelf’

Beide gemeenten grijpen de versoepeling van de corona-maatregelen dan ook aan om de horecasector weer wat leven in te blazen. Burgemeester Penn-te Strake van Maastricht sprak onlangs nog op het Vrijthof, een van de meest centrale pleinen in de Maastrichtse binnenstad, met een groep horecaondernemers: 'We hebben inmiddels meer dan 120 voorstellen binnen voor vergrote terrassen. Ik heb gezegd: ik wil zo ruimhartig mogelijk zijn. Degenen die al een terras hebben, die mogen dat vergroten. Daar hoeven ze geen vergunning voor aan te vragen, ze moeten dat alleen even melden.' Bij terrassen die niet zo makkelijk vergroot kunnen worden, omdat ze bijvoorbeeld in een smalle straat staan, denkt de gemeente mee over alternatieve locaties. 

 

BRABANTSE FLEXBOUWERS ZETTEN DOOR

Jaarlijks moeten er 15.000 tijdelijke woningen worden opgeleverd om de woningnood te verlichten. Een aantal dat bij lange na niet wordt gehaald. Eindhoven en Den Bosch behoren tot de gunstige uitzonderingen. Waarom lukt het daar wel?

Feestje

In sneltreinvaart heeft Eindhoven vorig jaar driehonderd tijdelijke studentenwoningen neergezet bij het verkeersplein de Berenkuil. ‘We hebben wel de omgeving, een woonwagencentrum, meegenomen’, laat wethouder Yasin Torunogly (wonen, PvdA) weten. ‘Dat is belangrijk bij tijdelijke woningunits, dat je er een feestje van maakt. Je moet goed kijken wat de behoeften van de omgeving zijn en iedereen erbij betrekken. De woonwagenbewoners waren eerst kritisch. Later hebben ze een ontbijt georganiseerd om de studenten te leren kennen.’ De studentenunits blijven vijftien jaar staan.

 

Innoveren
‘Betaalbaarheid en beschikbaarheid van wonen staan onder druk. Als je als lokaal bestuur zegt dat je over vijf jaar gaat bouwen,  koop je er als woningzoekende nu niks voor. Daar wilde ik op inspelen. Niet alleen iets beloven, maar meteen iets bieden’, motiveert Torunogly de keuze van de lichtstad. Bovendien ziet hij tijdelijk bouwen als een mooie gelegenheid om het bouwproces en woonvormen te innoveren.

 

Kiele-kiele
Het rekensommetje kloppend maken is de belangrijkste drempel voor tijdelijk bouwen. De uitgaven in tien jaar terugverdienen lukt niet, vijftien jaar is ‘kiele-kiele’, aldus de wethouder. ‘Bij de Berenkuil hebben we met de woningcorporatie de nek uitgestoken en gezegd: hier gaan we voor. Ondanks de financiële obstakels kun je het dan snel gerealiseerd krijgen. Dat is niet vol te houden op alle locaties. We hebben middelen nodig om die onrendabele top van een flexwoning betaald te krijgen. Daarom kijken we naar rijk en provincie of zij daar een rol in kunnen spelen, want dit is natuurlijk wel experimenteren met nieuwe woonvormen.’

 

Snelheid maken
Den Bosch startte in 2016 met de bouw van tijdelijke woningen. In eerste instantie honderd woningen op drie locaties. Tussen 2020 en 2022 wil de gemeente vijfhonderd tijdelijke woningen realiseren. De woningen die tot nu toe zijn gerealiseerd en gepland blijven tien jaar staan en niet vijftien jaar, ‘omdat we snelheid willen maken. Daarvoor kiezen we voor een kortere procedure. Daar is een inspraak van twee weken’, licht projectleider stadsontwikkeling Edwin Persaud toe.

 

In elkaar

Om snelheid te maken schuiven gemeenten en de bouwende corporaties besluitvormingsprocessen, inspraakprocedures en investeringsbeslissingen zoveel mogelijk in elkaar. ‘In de eerste tranche hadden we acht maanden nodig van idee tot moment van oplevering, in de tweede tranche nog maar vijf maanden’, aldus Persaud. ‘We hebben eerst met woningcorporaties verkend hoe de business case eruit zou zien: de kwaliteit van de woningen, communicatiekosten, plankosten, bouwkosten, grondkosten. Dat hebben we allemaal in een mandje gegooid en vervolgens verdeeld. De corporaties betalen voor de grond een symbolisch bedrag van 1 euro. Omdat we aan de voorkant afspraken hebben gemaakt, komt dat tijdens het proces niet meer terug.’ 

 

 
 

Ontvang ook onze nieuwsbrief