Nieuws en actualiteiten

button programma

 

 

 

 

 

 


Landelijk politiek nieuws en actualiteiten

  

 

 

Gladheidbestrijding

In en rond de winter kan gladheid ontstaan door sneeuwval of ijzel. Op zo’n moment krijgt de gemeente vaak vragen over gladheidsbestrijding. Daarom hebben we de belangrijkste zaken voor u op een rijtje gezet.

  • De gemeente heeft in de periode dat er gladheid kan optreden contact met Meteoconsult. Op basis van de verwachtingen van Meteoconsult wordt preventief gestrooid. Ook vindt overleg plaats met de provincie die een weeralarmeringssysteem heeft.
  • De gemeente heeft standaard strooiroutes. In deze routes zijn de hoofdontsluitingswegen, de wijkontsluitingswegen en de gebiedsontsluitingswegen opgenomen. Daarnaast wordt er gestrooid op fietspaden en op bus- en schoolroutes. Ook de routes naar openbare voorzieningen zoals verzorgingstehuizen, scholen en winkelcentra worden standaard altijd gestrooid.
  • Als er bij langdurige gladheid voldoende tijd beschikbaar is, worden eventueel ook nog andere wegen gestrooid.
  • Niet alle wegen worden gestrooid. De strooiroutes lopen echter zodanig door de gemeente dat iedere bewoner in de bebouwde kom binnen een acceptabele afstand op een gestrooide weg komt.
  • Er zijn twee manieren om te strooien. Er wordt preventief gestrooid als er gladheid wordt verwacht. Men gebruikt dan een speciaal zout dat op het wegdek blijft plakken en dat begint te werken zodra er sneeuw of ijzel valt. Er wordt curatief gestrooid als er al sneeuw of ijzel is gevallen. Hiervoor wordt het standaard-strooizout gebruikt.
  • Is het ergens glad? Treft u een onvolkomenheid aan? Meldingen over de openbare ruimte, dus ook bij gladheid, kunnen worden gedaan via het meldingssysteem Fixi. Dit is een speciale app voor op uw smartphone. U kunt natuurlijk ook gewoon bellen met de gemeente (0486-477277). Lees meer

WIJKTEAMS ZIJN ‘BOEGGOLF’ AAN HET WEGWERKEN

Het is te kort door de bocht om te concluderen dat wijkteams zorgen voor hogere Wmo-kosten. ‘Daarvoor is de complexiteit vanLees meer het vraagstuk te groot’, stelt Divosa-voorzitter Erik Dannenberg. ‘De wijkteams hebben een bredere kijk dan alleen de Wmo en mogelijk zijn ze een boeggolf aan het wegwerken van problemen die voorheen niet zichtbaar waren.’

Stijging

Dannenberg reageert daarmee op het vrijdag gepubliceerd onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB) naar de Wmo-kosten van wijkteams. Belangrijkste conclusie van het onderzoek ‘De wijkteambenadering nader bekeken’ is dat de inzet van wijkteams in de jaren 2015-2017 heeft geleid tot een stijging van veertien procent van het aantal mensen met een Wmo-maatwerkvoorziening. Vooral gemeenten waar (ook) zorgaanbieders in het wijkteam zitten, zien zich geconfronteerd met hogere kosten die met deze maatwerkvoorzieningen gepaard gaan.

Lees meer

 

POPULARITEIT OMMELAND GROEIT SNELLER DAN DE STAD

Populariteit ommeland groeit sneller dan de stad. Woningmarktkansen in de regio.

Woningmarktkansen in de regio.

Traditioneel trekken jongeren naar de stad, en komen als gezin weer terug in de meer landelijke gemeenten. Dit wordt wel aangeduid als de roltrapwerking van de woningmarkt. In de crisisjaren leek de trek naar de stad zich nog steviger voor te doen, terwijl het vertrek uit de stad stagneerde. De afgelopen periode horen we dat juist suburbane en landelijke gemeenten steeds meer mensen uit de stad opvangen. Is dat zo? Wij brachten de vestiging in stad en ommeland in beeld.

Sterk groeiende woningmarktdynamiek buiten de steden

In de Nederlandse universiteitssteden vestigden zich in de jaren 2008 tot en met 2011 jaarlijks gemiddeld 130.000 inwoners uit andere delen van Nederland. Inmiddels is dit met 20% gestegen naar jaarlijks 160.000 vestigers. Buiten de stad is de groeiende dynamiek duidelijk groter: het aantal huishoudens dat zich in een suburbane of landelijke gemeente vestigde, groeide in dezelfde periode met ruim 35%. Bijna twee maal zo hard als de instroom in universiteitssteden.

Verklaringen voor deze instroom in de regio hebben zowel betrekking op push-factoren (de stad wordt te duur, en het ontbreken van aanbod) als op pull-factoren (de regio is bereikbaar, je kunt er rustig en veilig wonen, mensen zijn minder gebonden aan hun werklocatie).

Lees meer

Vast Wmo-tarief mag niet leiden tot verschraling zorg

De discussie tussen rijk en gemeenten over de financiering van het Wmo-abonnementstarief mag niet leiden tot verslechtering van het zorgaanbod via gemeenten. Ook moeten de (minima)regelingen voor lagere inkomens volledig overeind blijven.

Meer betalen

Dat stellen Ieder(in), Patiëntenfederatie, Per Saldo, KBO-PCOB en LOC in een brief aan de Tweede Kamer. ‘De lagere eigen bijdragen voor middeninkomens mogen niet tot resultaat hebben dat lagere inkomensgroepen opeens meer moeten betalen. De discussie tussen rijk en gemeenten over budgetten mag mensen niet raken.’

Aanzuigende werking

Op 1 januari is het Wmo-abonnementstarief van kracht geworden. Per vier weken geldt een vast, inkomensonafhankelijk, tarief van 17,50 euro per vier weken. Dat is via een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) geregeld. De AmvB is een voorloper op de wet die volgend jaar moet ingaan, waarmee het maximum op eigen bijdragen Wmo structureel wordt ingevoerd. Gemeenten vrezen een aanzuigende werking, met name voor huishoudelijke hulp, en vinden dat het rijk met extra geld over de brug moet komen om de wegvallende inkomsten uit de eigen bijdrage én de verwachte toename van de vraag te compenseren.

Lees meer

‘Volksvertegenwoordiger’

Een belangrijke rol van een raadslid is die van volksvertegenwoordiger. Volksvertegenwoordiger zijn is makkelijker gezegd dan gedaan. ‘Het volk’ bestaat niet, net zomin als ‘de raad’ bestaat. Zoveel mensen zoveel meningen. Hoe doe je dat dan, volksvertegenwoordiger zijn?

Zoveel raadsleden, zoveel meningen; er is wel enige nuance, de fractiestandpunten. Als het goed is heeft jouw fractie een verkiezingsprogramma. In dat programma staat enigszins waar jouw partij voor staat. Als het goed is onderschrijf je, in ieder geval, een groot deel van dat verkiezingsprogramma. De kiezer heeft jouw gekozen, omdat je op de lijst van je partij staat. Het ‘volk’ mag dus verwachten dat je in lijn met dat programma handelt. 

Het dubbele is dat je naast dat je partijstandpunten vertegenwoordigt zelf verantwoordelijk bent voor wat je zegt en doet. Wat als niet zo duidelijk is wat het partijstandpunt is?  Partijstandpunten zijn meestal globaal waardoor je toch iets van de specifieke situatie moet gaan vinden. Kun je een afwijkende mening hebben? En wat als je die hebt?

Je hebt inwoners gesproken over hun situatie en je vindt dat ze groot gelijk hebben. Je bent volksvertegenwoordiger dus ga jij voor de inwoners de andere raadsleden overtuigen, te beginnen bij je fractiegenoten. Maar …….. als raadslid verwar je dan je rol van volksvertegenwoordiger met die van belangenbehartiger. Dat is dus niet de bedoeling.

Lees meer

Ontvang ook onze nieuwsbrief